Anita's dagboek: zelf maken

Posts tonen met het label zelf maken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zelf maken. Alle posts tonen

Recept voor bananenbrood


Wie zichzelf gaat aanleren om eenvoudiger te leven en het pad van Zelf Maken bewandelt, die komt al snel uit bij het zelfgemaakte bananenbrood. Geroemd om zijn eenvoud. Geprezen om zijn kwaliteit om restjes te verwerken. Kortom, de trots van elke beginner én ervaren thuisbakker. 


Het was al heel lang geleden dat ik een bananenbrood maakte. Want ik vond het stiekem altijd zo'n gedoe, met al die verschillende 'beetjes van dit en restjes van dat'. En ik koop wel bananen, maar niet altijd en er blijven bijna nooit bananen in de kast liggen. Bananen zijn nogal in trek hier in huis. 

Je kunt hele rijpe bananen trouwens ook goed invriezen; schil eraf, overlangs doorsnijden en plat in een ziplock zakje invriezen. Heel geschikt voor een smoothie. Of bananenbrood. 


Hier is trouwens mijn lijst met producten die je kunt invriezen


Onlangs lunchte ik met mijn groepje van de antroposofische patientenkring en iemand had een zelfgebakken bananenbrood meegebracht. Iedereen vroeg hoe ze het gebakken had en welk recept ze gebruikte. Daardoor raakte ik weer in de stemming om weer zelf een bananenbrood te bakken. Ik gebruikte het recept voor een healthy bananenbraad van Pauline's keuken als basis en paste zoals gewoonlijk weer iets aan. Zaak om het snel op te schrijven, voordat ik het vergeet. 


Ingrediënten:

  • 3 rijpe bananen, gemiddeld formaat
  • 3 eieren, kamertemperatuur
  • 3 à 4 (medjoul) dadels
  • 100 gr amandelmeel
  • 50 gr boekweitmeel
  • 30 gr kokosrasp (kokos neemt vocht op, dus prima geschikt voor een bananenbrood)
  • handvol gewelde rozijnen (van te voren een handvol rozijnen in een kommetje heet water laten wellen. Voor gebruik afgieten en afdrogen). 
  • ca. 75 gr. hazelnoten en/of walnoten
  • 2 theel. bakpoeder
  • snufje zout
  • koekkruiden of spekkoekkruiden

Zo maak je het brood:  

  • Pureer de bananen en de in stukjes gesneden dadels (zonder pit) met een staafmixer tot een gladde substantie. 
  • Voeg één voor één de eieren toe en klop ze met een garde door het beslag.
  • Spatel dan de amandelmeel en boekweitmeel erdoor. Meng ook het bakpoeder, de koekkruiden en snuf zout door het beslag. 
  • Hak de noten in stukjes en spatel deze ook door het beslag. 
  • Meng tot slot de kokosrasp erdoor. 
  • Verwarm de oven voor op 175 graden (hetelucht).
  • Vet een cakevorm of broodvorm in met boter. Ik zet altijd het cakeblik met een beetje boter in de oven die aan het voorverwarmen is. Na een paar minuten haal je het blik er uit en is de boter zacht genoeg om te kwasten.  OF: bekleed de binnenkant van je bakblik met bakpapier. 
  • Bak het bananenbrood in ongeveer 45 minuten. 
  • Test of je cake gaar is door met een lange satéprikker of dunne breinaald in het midden van je cake te prikken. Komt je prikker of naald er schoon uit, dan is je cake gaar. Anders nog even terug in de oven. 
  • Als je bananenbrood klaar is, dan even laten afkoelen in de vorm en dan op een rooster verder laten afkoelen. 

Bananenbrood is niet heel lang houdbaar. Door de natte ingrediënten komt er snel schimmel op. Je kunt de helft invriezen, of binnen een paar dagen de cake opeten. 

In het verleden heb ik meerdere zelfgemaakte etenswaren beschreven. Klik gerust verder door op het label 'Zelf Maken' te klikken (te vinden bovenaan dit artikel). 

Een heel fijn weekend!


Warme groet, 
Anita



    4

    Recept voor een simpele groentesoep

     





    Sinds kort heb ik een nieuwe favoriete soep: een simpele groentesoep. 


    Soep is een voedzame en veelzijdige aanvulling op een warme maaltijd en ook heel geschikt om als lunch te nemen. Waar ik wel eens tegenaan hik is al het snijwerk. Een pompoensoep is heerlijk en voordelig, maar ik moet wel altijd even een drempel over voor het snijwerk. Als ik eenmaal bezig ben is het prima, dan gaat het altijd sneller dan verwacht, maar deze groentesoep maak ik met een zak voorgesneden fijne soepgroente, bouillonblokjes en bio soepballen. Wel zelfgemaakt, maar niet helemaal 'from scratch'. 


    Het idee ontstond een keer omdat de soepballen in de bonus waren. Ik eet niet vegetarisch, maar ben wel zuinig met vlees. Bij de supermarkt koop ik vrijwel geen vlees meer, maar ik haal het bij een bioboer van een streekmarkt. In ieder geval, ik zag een pakje biologische rundersoepballen, al kant en klaar bij de AH. Ze waren afgeprijsd en hoewel ik het plan had om zelf soepballen te draaien van het vlees van de streekmarkt, kwamen deze kant-en-klare ballen toch wel als een onverwacht cadeautje. En de fijne soepgroentes waren ook nog afgeprijsd!


    Sindsdien let ik er op of de soepgroentes en de soepballen zijn afgeprijsd en dan sla ik wat in en bewaar het in de vriezer, of maak er meteen soep van. Overigens leent zo'n soep zich er ook heel goed voor om je restjes groente in te verwerken of zelf al je groentes te snijden (misschien heb je een moestuin). In plaats van soepballen kun je ook iets vegetarisch kiezen. 


    Zo maak ik een simpele groentesoep


    De basis is heel simpel: 


    Per half liter water 1 bouillonblokje. Ik kan ook zelf bouillon maken, maar meestal gebruik ik bouillonblokjes, de biologische van Naturcompagnie.

    Met een grote zak fijne soepgroentes van de AH en een bak biologische soepballetjes van de AH maak ik 3 liter soep. Meestal smokkel ik dan met de bouillonblokjes en doe 5 i.p.v. 6. (micro spaarzaamheid :-) ). 


    Neem een grote soeppan.


    Doe hierin 3 liter water en 5 à 6 groentebouillonblokjes. 


    Breng aan de kook. 
    Doe de soepballen erin, zodat ze gaar koken. 
    Als ze gaar zijn, haal ze eruit met een schuimspaan. Bewaar ze apart. 
    Doe de soepgroentes in hetzelfde water. 
    Breng aan de kook. 
    Doe er de gewenste hoeveelheid vermicelli bij. 
    Roer en wacht tot de vermicelli gaar is. 
    Voeg dan de ballen er weer bij. 


    Je soep kan geserveerd worden. 


    Eet smakelijk!


    Warme groet, 

    Anita


    ==================================================================

    Wil je op de hoogte blijven, meld je dan aan voor mijn maandelijkse nieuwsbrief. Elke maand deel ik mijn gedachtes, meditaties of tips die passen bij het seizoen. 


    In 2012 begon in mijn leven te vereenvoudigen door het opruimen van mijn huis. 


    Mijn belevenissen over opruimen en minimaliseren, over eenvoudiger leven ben ik bij gaan houden op dit blog. Hier lees je mijn terugblik. Omdat ik het een enorm leerzaam proces vond - en nog steeds vind - ben ik blijven bloggen en vertellen over hoe je op een praktische manier meer richting aan je leven kunt geven en veerkrachtiger wordt en een groter gevoel van zingeving krijgt. 

    Heb je behoefte aan begeleiding, dan kun je contact voor een e-mail consult. 

     




    6

    Deze etenswaren kun je invriezen



    Ik had 10 jaar geleden nooit gedacht dat je zoveel verschillende etenswaren kunt invriezen. Gewoon nooit echt over nagedacht. En niemand die het me vertelde. Verder dan de bekende producten zoals vlees en brood kwam ik niet. 

    Inmiddels weet ik dat je talloze etenswaren kunt invriezen! 

    Een goed gevulde vriezer maakt koken uit voorraad en met basisingrediënten zóveel makkelijker. 

    lees ook:  Zelf eten maken, waarom zou je?!



    Vroeger kon ik alleen maar koken volgens een recept. Dan had ik bijvoorbeeld een keer een recept met pasta uit een tijdschrift geknipt en maakte ik die pasta altijd volgens datzelfde recept. Het kwam gewoon niet in me op om er mee te variëren. Inmiddels heb ik geleerd om te koken met basisingrediënten en voel ik me veel zekerder om met gerechten te variëren. Met aardappels, rijst of pasta als basis kan ik telkens met groentes weer een maaltijd maken. Het geeft oneindig veel mogelijkheden, maar het maakt het ook makkelijker om met seizoensgroentes en aanbiedingen te koken. Ik heb daardoor ook beter grip op mijn boodschappenbudget. Ik weet inmiddels bijvoorbeeld wat veelzijdige groentes zijn om altijd in huis te hebben voor een voedzame, maar toch voordelige maaltijd. 

    Lees ook: Met deze producten vul ik mijn voorraadkast. 


    De vriezer vind ik echt een uitkomst in het voorraadbeheer. Naast verse producten vind ik het ideaal om ook groentes en sauzen in de vriezer te hebben. Niet iedereen zal plek hebben voor een vriezer, maar als je er nog niet een hebt en je wilt wel graag meer zelf koken en je boodschappenbudget bewaken, dan zou ik toch kijken of je ergens plek kunt maken voor een vriezer. 

    Dit is mijn lijst van producten waarvan ik vroeger niet wist dat je ze kon invriezen. 

    11

    Mijn 7 favoriete zomerse salades

    Het warme weer nodigt niet uit om lang boven een warm fornuis te staan om eten te koken. Een salade heeft in zulke gevallen de voorkeur in veel huishoudens. Ik heb onze favoriete salades voor je op een rij gezet. Ik hoop dat er iets van je gading bij zit.


    1. watermeloen salsa
    2. komkommer en makreel
    3. tomatensalade
    4. mango walnoten geitenkaas
    5. tomaat mozzarella
    6. rode biet en sinaasappel
    7. aardappel witlof ei

    #1 Watermeloen salsa (vegetarisch)


    Niets hoort zo bij zomerse dagen als watermeloen! Deze salade is echt top!

    Ca. 4 roma tomaten (zaad en dergelijke er zoveel mogelijk uithalen)
    Halve watermeloen in kleine stukjes.  (de watermeloen zo snijden dat je zo weinig mogelijk wit vruchtvlees meeneemt. Zoveel mogelijk zaadjes er uit peuteren – met punt van je mes).
    1 rode ui
    1 groene paprika en/of
    1 oranje paprika
    Verse gehakte koriander (optioneel)
    1 a 2 theelepels kruidenzout
    (verse) limoensap

    Met deze salade kijk je een beetje naar de verhoudingen. Het is niet zo belangrijk dat je exact de hoeveelheden er in doet die ik hierboven genoemd hebt. Als je bijvoorbeeld een kleine watermeloen hebt dan doe je die in zijn geheel. Misschien heb je hele grote paprika’s, dan volstaat het om de helft te snijden.

    Lekker met pita broodjes. Of taco's. Of met tortillachips met kaas.

    #2 Een verrassende salade van komkommer, makreel en kappertjes


    Deze salade staat alleen maar op nummer twee omdat wij nummer 1 allemaal lekker vinden en ene dochter niet van deze houdt. Maar zelf vind ik dit een geweldige salade. Lekker met het zoute van makreel (ik koop Fish4Ever) en kappertjes.

    (ca. 2 volwassenen en misschien een paar kinderen – mits ze niet zo’n grote eetlust hebben)

    1 (blikje) gestoomde makreel
    1 fijngesnipperde (rode) ui
    1 potje kappertjes
    1 appel in blokjes gesneden
    1 halve komkommer in blokjes gesneden
    1 rijpe avocado
    3 eetlepels balsamico azijn
    Peper

    Gewoon alles in één schaal doen.

    #3 is een tomatensalade (vegetarisch)




    [helaas op dit moment geen foto van deze tomatensalade. Maar wel een foto van een bord ;-)]

    Een salade met alleen tomaten? Wat is dáár nou aan, vraag je je misschien af. Maar deze is zo ontzettend smakelijk. Typisch een voorbeeld van hoe je een eenvoudig gerecht op tafel kunt zetten, op smaak gemaakt met basis toevoegingen als azijn, olie en mosterd.
    Deze salade aten we voor het eerst in Frankrijk, waar we op vakantie waren. Ik was zwanger van onze tweeling en we waren in een dorpje terecht gekomen, hadden een leuke foto gemaakt bij een riviertje en toen was het al weer tijd om te eten. We kregen een tomatensalade geserveerd en keken er eerst meewarig naar, maar waren al snel verkocht! Grappig hoe een gerecht in je geheugen blijft. We hadden geen idee hoe zo’n salade werd gemaakt, maar later las ik in de Volkskrant in de kookrubriek een recept dat wel hetzelfde móest zijn.

    Voor 4 personen
    8-10 lekkere tomaten
    1 ui
    2 eetlepels scherpe mosterd
    4 eetlepels wijnazijn (zelfgemaakte vlierbloesemazijn is ook lekker)
    1 eetlepel water
    Snufje zout
    Snufje suiker
    8 eetlepels olijfolie
    Optioneel: verse peterselie of munt (fijngesneden)

    Snij de tomaten in dunne plakjes met een goed scherp mes. Leg ze dakpansgewijs op een platte schaal. Snij de ui zeer klein en strooi over de tomaten. Meng de ingrediënten voor de vinaigrette en schenk over de tomaten. Tot slot naar wens een beetje peterselie of munt.
    Deze salade is extra lekker als de tomaten op kamertemperatuur zijn en de vinaigrette de tijd heeft gehad om in te trekken.

    #4 salade met mango, walnoten, zachte geitenkaas

















    Deze salade is perfect voor warme zomerse dagen waarop je niet lang in de keuken boven een heet fornuis wilt staan. Ook zeer geschikt om mee te nemen naar het werk als lunch.
    Over deze salade met mango schreef ik al eerder in dit blogartikel.

    Wat zit er in:
    sla (maakt niet uit welke soort, ijsberg, kropsla, gemengde, wat je maar in huis hebt of lekker vindt)
    mango
    zachte geitenkaas
    walnoten
    uitgebakken ontbijtspek (of een ander soort spek of ham, dikke plakken, dunne plakken, maakt niet uit, smaakt allemaal lekker :-))
    honing
    peper


    #5 klassieke salade van tomaat, mozzarella en basilicum (vegetarisch)


    Deze klassieker doet het altijd goed: het rood, wit, groen van Italië.
    Kan met roma tomaten, maar ook met cherry tomaatjes. Buffelmozzarella, of mini mozza bolletjes. Basilicum of ander groen eetbaar blad. Met een dressing van olijfolie, rode wijnazijn en zout en peper. Met wat geroosterde pijnboompitten, mmmmmm.

    #6 Verrassende salade van rode biet en sinaasappel (vegetarisch) 


    Deze salade is verrassend lekker en net als de mango, geitenkaassalade heel geschikt om mee te nemen naar het werk als lunch.

    - Stuk of wat gekookte rode bieten, velletje er af.
    - 2 bio sinaasappels
    - 1 tl grove mosterd
    - 1 el rode wijnazijn (of andere azijn die je erbij vindt passen)
    - 1,5 el witte wijnazijn
    - 3 eetlepels olijfolie
    - Zout en peper
    - Beetje waterkers (optioneel)
    - Zachte geitenkaas

    Snij de bieten in kleinere stukjes. Schil de sinaasappels en verdeel in partjes. Het vruchtvlees kun je er nog van af snijden. Maak een dressing van de mosterd, azijnen, olie en peper en zout. Meng de dressing met de bieten (en eventueel de waterkers). Leg de stukjes geitenkaas en sinaasappelpartjes er bovenop.

    # 7 Maaltijdsalade van aardappel en witlof en peer


    Deze salade komt uit een Margriet uit de jaren 80. Da’s al een hele lange tijd geleden. Soms vergeet ik dat ik ‘m heb, maar hij komt altijd weer boven water. Laatst appte een vriendin met de tekst ‘nog steeds een favoriet hier in huis’. Met een foto van deze salade. Dus dan blijkt wel weer dat het een geslaagde salade is.

    Wat heb je er voor nodig:
    4 stronkjes witlof
    1 blikje peren op blik (uit blik omdat je het sap ook gebruikt)
    1 kg gaar gekookte aardappelen
    3 a 4 hardgekookte eieren
    1 grote ui
    3 dikke eetlepels mayonaise
    Wat geknipte bieslook
    Wat gehakte peterselie
    Beetje gedroogde tijm (als je hebt)
    Peper en zout

    In het oorspronkelijke recept gaan 2 dikke plakken ham. Echter, wij zijn iets anders gaan eten en daar horen voorgesneden en voorverpakte dikke plakken ham niet meer bij. Ik laat de ham tegenwoordig weg. Ham smaakt ontzettend lekker, maar is juist vanwege die smaak moeilijk te vervangen. Vandaar dat ik het maar weglaat.

    Eet smakelijk en ik hoop dat ik je op ideeën heb gebracht.

    Warme groet,
    Anita



    8

    Zelf maken: pita broodjes




    Het zelf maken van pita broodjes stond al heel lang op mijn verlanglijstje. Die kant-en-klaar broodjes zijn weliswaar makkelijk om in huis te hebben, maar die zurige lucht van afbakbrood gaat me steeds meer tegenstaan.

    De kookgroep Huisgemaakt is een ideale plek om wat op te steken, zo heb ik daar geleerd hoe je pita broodjes maakt. Ik vertel je graag hoe jij dat ook kunt doen.

    Deze zelfgemaakte broodjes lijken in de verste verte niet op de vacuüm verpakte versies! De zelfgemaakte ruiken echt heel lekker (en dat terwijl ze gemaakt worden van een simpele tarwebloem) en zijn heerlijk luchtig en zacht. Het levert zeer tevreden huisgenoten op!




    Ingrediënten voor pita broodjes
    (bron: Ingrid Zij kookt)


    (12 stuks)

    500 gr tarwebloem
    1 zakje droge gist (ik gebruik zakjes van 9 gr van Bioreal)
    300 ml lauwwarm water
    1 theelepel zout
    3 eetlepels (olijf/zonnebloem/arachide) olie
    beetje zwarte peper


    Doe alle ingrediënten in een mengkom. Als je een keukenmachine hebt, zoals ik, gebruik je de deeghaak om het deeg mee te kneden. Met een broodbakmachine kneden of met de hand kan ook.
    Laat de machine ongeveer 10 minuten draaien zodat je een mooi deeg hebt.

    Dek de kom vervolgens af met een theedoek en laat je deeg een uur rijzen.
    De tip die ik kreeg is om je oven ca. 10 minuten op 50 graden warm te laten worden. Vervolgens draai je de oven uit en zet je de afgedekte kom er in om te rijzen.

    Na een uur haal je het deeg uit de kom en kneed het nog een keer door met de hand. Daarna maak je er een rol van. Hiervan maak je in totaal 12 broodjes.
    Om de broodjes ongeveer even groot te krijgen is het het makkelijkst om de rol te halveren.
    Van elke helft maak je 6 broodjes. Je halveert dus die halve rollen ook nog een keer, voor elk 3 broodjes.

    Maak er bolletjes van en rol ze uit met een deegroller. De randen een beetje in vorm duwen, zodat je gelijkvormige broodjes krijgt.
    Leg een vel bakpapier op de bakplaat. Er passen 6 broodjes op 1 bakplaat (bij mij wel tenminste). Als je twee bakplaten hebt, heb je geluk en kun je gelijk alles voorbereiden. Anders kun je alvast de tweede partij op bakpapier leggen en even een rooster gebruiken, zodat ze wel alle twee tegelijk de oven in kunnen voor de tweede rijs (let op, warme oven, maar niet aan!). Weer afdekken en een half uur in laten rijzen in de warme oven.

    De broodjes worden afgebakken in een voorverwarmde oven van 200 graden (je broodjes die lagen te rijzen er uit halen). Na 3-5 minuten gaan ze bol staan en kleuren ze een beetje en dan zijn ze gaar.


    Lekker met gegrilde groenten, humus, kiemgroenten, falafalballetjes enz. ..

    7

    Zelf maken: boursin



    Boursin associeer ik met vrijdagavonden vroeger thuis bij mijn ouders. Dan bleven mijn vader en ik vaak als enige over op de late vrijdagavond. Of ik bleef helemaal als enige over. We keken tv en smeerden een toastje met boursin. Als ik alleen overbleef keek ik naar spannende films of klassieke films. Dat is voor mij boursin.

    Boursin was de laatste jaren in mijn huishouden in de vergetelheid geraakt. Vanwege de conserveermiddelen (ik zie dat die er nu niet meer inzitten, dus misschien vergis ik mij) en vanwege de prijs. Hoewel we wel een heel lekker en makkelijk gerecht hadden met pasta, spinazie, gebakken spekjes en boursin. Dat gerecht kwam dus ook niet meer op tafel.

    Ik inmiddels geleerd dat je heel makkelijk zelf kruidenboter kunt maken en sindsdien hield ik daarbij. Totdat mijn bespaarvriendin me vroeg of ik ook wist hoe je zelf boursin kunt maken. Dus zocht ik het uit en vond hier een leuke uitleg. Ik probeer altijd recht te doen aan mijn bronnen, maar omdat blogs nogal eens verdwijnen, schrijf ik het recept bij deze ook voor jullie uit:

    Hoe maak je zelf boursin


    200 gr roomkaas (ik gebruikte Philadelphia), op kamertemperatuur
    100 gr roomboter, op kamertemperatuur
    1 dikke teen knoflook
    2 afgestreken kleine theelepels zout
    1/2 tl gedroogde oregano
    1/2 tl basilicum
    1/2 tl gedroogde dille
    1/4 tl zwarte peper
    1/2 tl gedroogde tijm

    Ik gebruik alleen gedroogde kruiden, die heb ik altijd in huis, in tegenstelling tot verse.

    Hak of pers het teentje knoflook fijn en strooi er het zout op. Hak eventueel nog fijner.

    Klop de roomboter met een mixer los en romig. Voeg de roomkaas toe en klop het door elkaar. Voeg daarna het knoflookzout en de rest van de ingrediënten toe en proef of het nog meer kruiden nodig heeft. Je kunt het meteen serveren, maar die bekende korrelige structuur van boursin krijg je pas nadat het een paar uur in de koelkast heeft gestaan.

    Het smaakt echt exact zoals de echte boursin!

    Wel even voor de duidelijkheid: boursin is een merknaam. Uiteindelijk is er maar een echte boursin, maar het is zo'n begrip geworden dat ik het als soortnaam gebruik. Net als maggi.

    Ik kwam nog een lekker klinkend recept tegen waarin je boursin kunt verwerken. Nu kan ik toch weer pasta met boursin maken, maar dan met eigen gemaakte boursin.

    Warme groet,
    Anita





    14

    Wie is de Mol joker koekjes

    Hoeveel jaren wordt Wie is de Mol?! inmiddels uitgezonden? Nou, zoveel seizoenen zitten wij al op de bank er naar te kijken.

    Ergens op het web zag ik een foto voorbij komen van iemand die Wie is de Mol koekjes had gemaakt. Té leuk om niet na te maken. Samen met dochter-meisje, want die vroeg op een zondag of er ook iets bij de thee geserveerd werd. Eh, ja, maar dan moet je het wel zelf nog even bakken. Er lag nog een restje zandkoekjesdeeg in de koelkast, wat een mazzel. Ik tekende een joker na van een plaatje, sneed het uit en dochter stak de perfecte maat jokers uit het deeg. Je legt het sjabloon op het koekje en strooit er cacaopoeder over met een zeef. Bak ze vervolgens in een voorverwarmde oven.






    Nog even een paar tips wat betreft het sjabloon: 
    Ik sneed het uit een gewoon vel papier. Als je meer tijd hebt om voor te bereiden zou je een dun stuk hard plastic kunnen gebruiken. Of misschien een siliconenmat? Of wie weet heb je wel een knap apparaat waarmee je dit kunt maken, zoals een snijplotter.




    De cirkel in zijn geheel uitsnijden, dat gaat niet werken. Dan snij je namelijk het binnenste los van het buitenste. Wat je dan kunt doen is de cirkel op twee plekken onderbreken, dus eigenlijk twee halve cirkels uitsnijden. Ik had eerst de cirkel maar laten zitten, maar bij nader inzien toch nog eentje gemaakt. Ik had dus twee sjablonen, vandaar dat De Mol tekst niet overal op dezelfde plek op het koekje zit. Het gaat om het idee, dit was een eerste snelle uitvoering. Genoeg ruimte voor verbetering, mocht je ze ook gaan maken. (Doen hoor! Is echt heel leuk.)



    Recept voor zandkoekjes (basisrecept). 

    (recept komt uit het blue band kookboek Gebak uit 1990)

    Ingrediënten:
    125 gr. roomboter (of blue band) op kamertemperatuur
    75 gr witte basterdsuiker
    1 eetlepel vanillesuiker
    snufje zout
    250 gr bloem (gezeefd)

    Werkwijze:
    Doe de roomboter, bastersuiker, vanillesuiker, snufje zout in een kom en mix het tot een egaal zacht beslag. Spatel de gezeefde bloem er door en kneed het geheel tot een soepele deegbal. Niet te lang doorkneden, want door de warmte van je handen wordt het steeds zachter.

    Maak er een dikke rol van en wikkel in huishoudfolie of in bijenwasdoek. Leg ca. 1 uur in de koelkast om op te stijven. Haal weer uit de koelkast en snij door de helft. Je kunt het deeg beter verwerken als het in kleinere porties is, vandaar. Eerst is het deeg nog hard en stug, maar met kneden en uitrollen kun je het beter verwerken. Bestuif je werkblad met bloem. Zelf vind ik uitrollen op een siliconen bakmat heel handig. Vooral als de kinderen koekjes bakken. Dan blijven de kruimels nog een beetje beheersbaar ;-). 
    Rol het deeg uit met een deegroller tot een lap van ca. 4 mm dik. Steek de gewenste vormpjes uit. In dit geval cirkels. Je kunt kant en klare bakvormen gebruiken, maar ook een glas met de gewenste diameter, of een deksel. Net wat je voor handen hebt. Niet vergeten dat je ook de snijrestjes deeg weer opnieuw tot een deegbal kunt oprollen!

    De cacao bak je mee! De cacao strooi je er dus voor het bakken op.

    Leg een vel bakpapier of siliconen bakmat op je bakplaat en leg daar de koekjes op. Bak de koekjes in het midden van een voorverwarmde oven van 200C in ca. 10 minuten lichtbruin. Laat de koekjes afkoelen. Voordat ze helemaal zijn afgekoeld, steek ik de koekjes los van het papier of mat zodat ook de onderkant van de koekjes goed kan 'ademen.'

    De koekjes voordat ze de oven in gingen. 



    Je kunt je Wie is de Mol jokerkoekje bij de koffie inzetten of bij de thee ;-).

    Warme groet,
    Anita


    In deze blogpost maak ik gebruik van affiliate links naar artikelen waarvan ik denk dat je ze handig vindt, of waarvan ik denk dat je er meer over wilt weten. Wanneer je iets bestelt krijg ik een kleine vergoeding, het kost jou niets extra. 
    12

    Recept voor Groninger Poffert



    Poffert is een Groninger gerecht en komt overeen met wat in andere streken trommelkoek wordt genoemd. Ik herinner me vooral dat mijn oma het maakte. Iedereen deed een sprongetje van vreugde als zij vertelde dat ze poffert op tafel ging zetten. Zij kon poffert als de beste maken. Oma's maken altijd alles het lekkerste.

    Poffert is een boerengerecht en houdt het midden tussen een brood en een koek. Het is heel erg vullend en iets minder voedend. Zo had je in die tijd voor weinig geld toch iets op tafel wat de magen vulde en met boter en suiker is alles lekker tenslotte. In sommige gezinnen werd 'ie zonder rozijnen gegeten, dus helemaal zonder opsmuk. De enige opsmuk kwam van boter en suiker en dat was al een luxe. Mijn oma maakte 'm altijd met rozijnen, o o doe maar luxe.

    Gewoonlijk wordt poffert als hoofdmaaltijd op tafel gezet (niet vergeten dat de hoofdmaaltijd vroeger - vooral op het platteland - tussen de middag was), maar ik gebruik het liever als uitgebreide lunch en heb 's avonds een reguliere hoofdmaaltijd. De traditie hier in huis is dat ik elke vrijdagmiddag iets speciaals maak voor de lunch. Als de meiden uit school komen, hebben we een gezellige afsluiter van de week. Dat kan tomatensoep zijn, Brusselse wafels, of tosti's, of wat we maar bedenken. Deze keer werd het poffert.

    Dat kwam omdat ik in herinneringen verzeild was geraakt en iets te eten maken uit je jeugd is een mooie manier om iets met die herinneringen te doen. Ik had ooit een trommel van mijn moeder gekregen, maar die kon ik om onverklaarbare redenen nergens terugvinden, dus kocht ik maar een nieuwe. Zo'n gerecht als poffert is niet alleen heerlijk, maar tegelijk is het een gelegenheid om wat te vertellen over vroeger.

    De huidige recepten van poffert bevatten allemaal zelfrijzend bakmeel. Eerder was het een mix van tarwemeel, boekweitmeel en gist.

    Recept voor poffert



    Je hebt in ieder geval een pofferttrommel nodig. De trommel heeft de vorm van een tulband, maar dan met deksel! De trommel wordt doorgaans geleverd in twee groottes. Eentje voor 2 L en eentje voor 1 L. Het recept hieronder is voor de 2L.





    Ingrediënten:


    500 gram zelfrijzend bakmeel
    2 eieren
    3 koppen melk (vergelijkbaar met 600 ml)
    2 á 3 eetlepels suiker
    mespunt zout
    flinke handvol rozijnen

    Zo maak je poffert: 


    Laat de rozijnen wellen in warm water.

    Klop de eieren en voeg daarna de melk, suiker en zout toe.
    Mix tot een egaal beslag.
    Doe het bakmeel erbij. Ik spatel dit er altijd in delen door, want met de mixer stuift het zo. Na het spatelen alsnog mixen met de mixer.

    Giet de gewelde rozijnen af en droog ze in een schone theedoek.
    Spatel de rozijnen er doorheen.

    De poffert wordt au-bain-marie gaar gekookt.
    Verwarm de buitenkant van de trommel in warm water (pan of onder de kraan).
    Vet de trommel aan de binnenkant in met roomboter en bestrooi met bloem.
    Schenk het beslag in de trommel. Doe het deksel er op.

    Neem een grote pan, zo groot dat de poffertrommel er ruim in past.
    Vul de pan met water, niet teveel, je kunt altijd bijvullen.
    Plaats de poffertrommel (met deksel) in de grote pan. Controleer het waterniveau.
    Ik zorg er altijd voor dat het niveau zeker tweederde van de poffertrommel heeft (zie op de foto van de trommel hierboven de bovenste kalklijn). Als het waterniveau namelijk te laag is, dan loop je het risico dat de poffert alleen maar gaar is tot het niveau waarop het onder water stond. Of dat het wel helemaal gaar is, maar heel bleek is op het deel wat niet onder water heeft gestaan (zoals je een beetje kunt zien op het eerste resultaat hieronder).
    Het waterniveau moet ook weer niet te hoog, want als het water aan de kook komt dan borrelt het omhoog en je wilt niet het risico lopen dat er water in de trommel komt.
    De subtiele kunst van het poffert bakken :-)

    Staat je poffertrommel goed in het water?
    Doe dan ook de deksel op de buitenpan, zo blijft de stoom onder het deksel.
    Breng het water aan de kook op een half hoge vlam. Voor de duur van een half uur.
    Daarna een uur laten doorkoken op een hoge vlam.
    Tussendoor controleer ik of het waterniveau niet teveel gezakt is. Zo nodig schenk ik water bij.

    Neem de pofferttrommel uit het water. Let op: heet! Ondersteun ook altijd even de trommel, stel je voor dat de poffertdeksel losschiet en je poffert alsnog in het kookwater ploft?!
    Stort de poffert op een rooster en laat afkoelen. Of snij meteen aan en serveer warm.
    Traditioneel wordt poffert gegeten met gesmolten roomboter en donkerbruine basterdsuiker.
    Ook lekker bij een kopje koffie of thee op een gure winterse dag.

    Eet smakelijk!
    Warme groet
    Anita








    Wil je op de hoogte blijven van mijn artikelen? Meld je dan aan voor mijn maandelijkse nieuwsbrief.


    Deze blogpost bevat affiliate links naar artikelen die handig kunnen zijn bij het maken van dit gerecht. Wanneer je iets bestelt, krijg ik hiervoor een kleine vergoeding. Op die manier kan ik recepten blijven uitproberen en het kost jou niets extra. 
    17

    Zelf maken: pepernoten



    De Sinterklaaspurist zal zeggen: dit zijn geen pepernoten, maar kruidnoten. Maar ik denk dat de meeste mensen het woord pepernoten gebruiken. Ik in ieder geval wel.

    Er zijn natuurlijk vele plekken op het web waar je kunt vinden hoe je pepernoten kunt maken, dus echt zin heeft het niet dat ik het hier ook nog een keer opschrijf. Maar ik gebruik mijn blog vaak zelf om recepten terug te zoeken en hoewel dit recept er wel op moet staan, kon ik het zelf niet terugvinden. Niet echt handig natuurlijk. Gelukkig had ik het ook nog ergens op de pc staan.

    Het is superleuk om samen te maken met de kinderen en ze smaken echt vele malen lekkerder dan de kant-en-klaar pepernoten. Naarmate de kinderen ouder worden kunnen ze steeds meer dingen zelf doen van het bakproces. Onze meiden maakten ze andere jaren wel samen met mijn moeder. (Oh, nu zie ik opeens dat het linkje gewoon in de tekst staan van deze oude blogpost. Gewoon overheen gelezen tsss).


    Wat heb je nodig om pepernoten te maken: 


    100 gr. zelfrijzend bakmeel
    50 gr. donkerbruine basterdsuiker
    1 koffielepel speculaas- of koekkruiden
    1 mespunt zout
    40 gr. koude roomboter
    2 à 3 eetlepels melk

    Zo maak je pepernoten: 


    Doe bovenstaande ingrediënten in een kom.
    Snijd de roomboter in stukjes.
    Kneed er met de hand een deeg van. Als het te plakkerig is, voeg dan wat bakmeel toe.
    Maak knikkers van het deeg en leg de bolletjes op een bakplaat met bakpapier (of siliconen bakmat).
    Het is niet nodig om de deegbolletjes plat te drukken.
    Verwarm de oven voor op 175 C.
    Plaats de bakplaat in het midden van de oven en bak de pepernoten in ca. 20 minuten gaar.





























    Warme groet,
    Anita
    12

    Zelf maken: bananen-dadelcake



    Het was een treurige bedoening in mijn koelkast. Niet omdat hij leeg was, maar omdat het ene bakje kliekjes na het andere bakje met kliekjes weggegooid moest worden.

    Dat moest anders, want zo kende ik mezelf niet!

    Omdat de bananen in de kast ook tot smurrie dreigden te verworden verwerkte ik ze een deze bananen-dadelcake. Het is een heerlijk geurende cake, smeuïg luchtig, hoewel je dat met de donkere buitenkant niet zou verwachten. Heerlijk bij een kopje koffie of thee. Ik heb 'm inmiddels al een paar keer gemaakt en lukt altijd. Het recept komt uit Slechts 5 ingrediënten; slank, een kookboekenreeks waar ik al eens eerder over schreef.

    Ingrediënten voor bananen-dadelcake:


    250 gr ontpitte dadels, grof gesneden
    2 zeer rijpe bananen
    150 gr roomboter, op kamertemperatuur
    2 eieren
    1 dl melk
    geraspte schil en sap van citroen (ik hou het meestal bij het sap uit een flesje, want ik heb meestal geen citroenen in huis)
    1 dl water
    100 gr fijne kristalsuiker
    275 gr zelfrijzend bakmeel
    1 tl baking soda






    Hoe maak je de bananen-dadelcake:


    Doe de dadels in een pannetje, samen met het citroensap en rasp. Doe er 1 dl water bij en breng het geheel aan de kook. Zet het vuur laag en laat alles 5 minuten sudderen, tot de dadels zachtgekookt zijn. Zet het vuur uit en prak de dadels met een vork tot een puree.

    Prak de bananen in een kom fijn. Voeg de boter, suiker, eieren, melk, zelfrijzend bakmeel en baking soda toe. Mix alles tot een glad mengsel.

    Vet een bakblik in met een inhoud van 1,5 liter. Ik gebruik een tulbandvorm. Bestuif de bakvorm met bloem. Je kunt 'm ook bekleden met bakpapier, maar dat vind ik zelf zo'n gepruts. Schep eenderde van het beslag in de vorm. Verdeel de helft van de dadelpuree erover. Strijk glad als het nodig is. Vervolgens weer eenderde deel beslag er overheen, gevolgd door de laatste helft van de dadelpuree. Tot slot het laatste beslag erover. Strijk glad als het nodig is.

    Verwarm de oven voor op 160 C. Plaats de cake in het midden van de oven en bak 1 uur en 20 minuten. Je kunt controleren of de cake gaar is door een breinaald of sateprikker in de cake te steken. Je cake is gaar als de naald er schoon uit komt.
    Laat de cake in het bakblik ca. 15 minuten afkoelen en stort hem daarna op een rooster om volledig te laten afkoelen.

    Eet smakelijk!

    Warme groet
    Anita

    Ik heb inmiddels een hele reeks Zelf Maken. Lees bijvoorbeeld ook hoe je zelf Turks brood maakt of kruidenboter.



    3

    Zelf maken: appeltaartvulling





    Elk jaar haal ik een flinke hoeveelheid appels van onze appelboom. Daar maak ik appelmoes van en doe dat in kleine en grote conservenpotten. De kleine voor tafelgebruik. De grote gebruik ik voor het maken van hete bliksem. Super makkelijk om in huis te hebben. Sommige jaren deed ik er geen suiker bij, maar sommige jaren ook wel. Net hoe de wind waait. 

    Hoewel ik dol ben op appelmoes en hete bliksem vond ik het wel altijd zonde dat ik van die mooie appels alleen maar appelmoes ging maken. Zou het niet mooi zijn als we van onze appeloogst in februari bijvoorbeeld ook nog een appeltaart konden maken?

    Ik had er nog nooit bij stil gestaan dat je de appeltaartvulling kunt inmaken in potten om later te gebruiken. Hoe ideaal is dat! 

    Hoe maak je appeltaartvulling?


    Neem een grote pan. 
    Schil een hoeveelheid appels en snij deze in grove stukken. Doe de pan ongeveer voor 2/3 vol.
    Schenk er een laag water onder. 
    Doe er 200 gr. rozijnen bij,
    200 gram suiker, 
    2 eetlepels kaneel, 
    sap en rasp van 1 citroen


    Breng het langzaam aan de kook, schep ondertussen om. Belangrijk is dat de appelstukjes wel zacht mogen worden, maar niet papperig. Als de kaneel en de suiker maar ingetrokken zijn en de rozijnen vocht opgenomen hebben. 
    Blijf erbij staan, omdat appels binnen no time tot puree zijn gekookt. 


    Voor het inmaken heb je conservenpotten nodig. Ik gebruik altijd de potten waar onze lievelingspindakaas in heeft gezeten, omdat die een ideaal formaat hebben en een ruime opening. Maar grote conservenpotten van Hak kunnen ook heel goed of gekochte potten. 

    Zorg dat de conservenpotten schoon zijn en gesteriliseerd. Ik gebruik een stoominzet van de Hema waar ik conservenpotten op de kop in zet. Deksels van de potten gaan er ook bij. Het water in de onderste pan breng ik aan de kook en de stoom maakt de potten steriel. 

    Het vullen van de potten.


    Doe de nog hete appeltaartvulling in de conservenpot. Zorg voor voldoende vocht erbij. (Potten op de foto hebben eigenlijk te weinig vocht.) Draai het deksel er op en zet op de kop neer. Zo trekt de pot vacuüm. Wanneer de pot wat is afgekoeld kun je 'm weer rechtop zetten. Tegenwoordig is er een stroming die zegt dat het niet meer nodig is om potten op de kop te zetten, maar bij die stroming hoor ik niet ;-). 

    NB: doordat je de vulling heet in de potten doet, gaart het nog een beetje na, vandaar dat je de appels in de pan niet te gaar moet laten koken. 

    Wanneer je in december of februari op een zondagmorgen wakker wordt en zin hebt om appeltaart bij de koffie te eten, dan draai je even een appeltaart deeg in elkaar, pakt een pot uit de kast, laat de vulling uitlekken in een vergiet (of zeef) en voilà, je appeltaart is klaar! Hoe feestelijk is dat?!


    Warme appelige groet,
    Anita 

    bewaar voor later op pinterest. 





    =======================================================================
    Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen over holistisch opruimen (opruimen, besparen, zelf maken, ritme vinden, de natuur opzoeken, zelfzorg), meld je dan aan voor mijn maandelijkse nieuwsbrief. Elke maand deel ik mijn gedachtes, meditaties of tips die passen bij het seizoen. 
    16

    Zelf maken: zoete chilisaus


    Het maken van zoete chilisaus stond al heel lang op mijn verlanglijstje. Ik was al zover dat ik op mijn pinterest bord een recept had bewaard. Onlangs kwamen onze dochters thuis met een paar flinke rode pepers van hun schooltuintjes. Ellie zegt: 'je kunt er ook chilisaus mee maken'. Gratis tip van de tuinman :-)
    Dus wij maakten samen chilisaus.
    Wel goed om denken dat je na het snijwerk je handen wast en niet tussendoor in je ogen wrijft of aan je neus krabt....

    Hoe maak je zoete chilisaus?


    De verhoudingen voor een flesje van 250 ml zijn (op de foto heb ik twee flesjes van elk 200 ml en 5 pepers):
    3 fijngehakte Spaanse pepers
    125 ml appelazijn
    1 tl zout
    185 gram (fijne) kristal suiker
    1 teen geperste knoflook
    Doe alles in een pan en breng dit al roerende aan de kook. Daarna ca. 5 minuten laten inkoken tot een siroop. Als het te dun is, suiker toevoegen. Als het te stroperig is, azijn toevoegen. Tot slot overgieten in leuke, schone flesjes

    NB: ik heb vrijwel alle zaadjes erbij gedaan, maar dat is misschien te pittig. Dan kun je de helft gebruiken, of zeven voor gebruik. 
    Zo simpel kan het zijn!

    Warme groet,
    Anita



    9

    Zelf maken: ovenschotel met groene bladgroente



    Deze aflevering van Zelf maken is een beetje een vreemde eend in de bijt. Want deze rubriek gaat vooral over producten waarvan je gewend bent om ze kant-en-klaar te kopen om deze zelf te leren maken. Een recept voor een ovenschotel lijkt daar niet echt bij te horen; het zou beter passen in een reguliere receptenrubriek.

    Toch wil ik jullie dit gerecht niet onthouden. Deze schotel is namelijk niet alleen economisch en veelzijdig (je kunt er allerlei groene bladgroenten in verwerken – net wat het aanbod is), maar ook omdat je bij dit gerecht eiwit overhoudt die je vervolgens weer kunt gebruiken bij het maken van granola. Zo hoef je minder eten weg te gooien.

    Schotel voor 3-4 personen:

    Hoe maak je de ovenschotel met groene bladgroente

    - ca. 500gr aardappelen
    - ca. 750gr verse spinazie of 3/4 pak diepvries spinazieblokjes OF andere bladgroenten (zie helemaal onderaan voor de alternatieven)
    - spekblokjes
    - paar laurierblaadjes - optioneel
    - 2dl room
    - 50gr roomboter
    - 1 eierdooier
    - peper en zout
    - nootmuskaat
    - 50gr geraspte kaas
    - 2 eetlepels paneermeel of verkruimelde beschuit
    - 3 eetlepels olijfolie

    Bereiding:

    Schil de aardappelen en kook ze in een bodem water met een snufje zout. Als je wilt kun je de laurierblaadjes erbij doen. Deze blaadjes geven extra smaak aan je aardappelpuree. Vóór het pureren haal je de blaadjes er weer uit. Ik spoel ze af, laat ze drogen en gebruik ze een tweede keer.
    Pureer de aardappelen, voeg de room toe en de eierdooier. Kijk hoe smeuiig je puree is. Als het te droog is doe je er boter bij.
    Het eiwit hou je dus over. Dit kun je heel goed invriezen! Later kun je het ontdooien en gebruiken bij het maken van granola.

    Breng op smaak met peper, zout en nootmuskaat.
    Als je verse bladgroente hebt zoals spinazie of andijvie, was het dan goed af, zodat er geen zand achterblijft, want dat knarst zo tussen je tanden. Ik doe gewassen bladgroente altijd even in de slacentrifuge om het overtollige water er af te slaan.

    Doe olie (olijfolie of arachideolie) in een wok en wok kort je bladgroente. Meng het vervolgens door de aardappelpuree.

    Bak de spekblokjes in een droge koekenpan knapperig. Meng de gebakken spekblokjes door de aardappelpuree.

    Vet een ovenschaal in met olie en verdeel het aardappelpureemengsel over de schaal.

    Strooi er paneermeel over of verkruimel twee beschuiten (onderkanten tegen elkaar wrijven totdat er bijna niks van over is. Restjes tussen de vingers verkruimelen). Eventueel kun je er wat klontjes boter over verdelen.
    Strooi er tot slot geraspte kaas overheen.

    Schuif de ovenschaal in het midden van je voorverwarmde oven op 180 graden. Na 10 minuten is de kaas gegratineerd en je schotel klaar.

    Dit recept komt oorspronkelijk van het blog Boerderij Zinin. Er verschijnen geen nieuwe berichten meer, maar het staat nog wel online. In het oorspronkelijke recept zitten geen spekblokjes, maar ik vond het zonder een beetje een vlakke smaak hebben. Ik hou zelf heel erg van de zoute smaak van spekblokjes, dus ik doe het er altijd wel door. Als je vlees weg wilt laten zou je mosterd kunnen toevoegen om er een pittige smaak aan te geven.

    Andere groene bladgroenten die je hierin kunt verwerken:
    Andijvie
    Postelein
    Snijbiet
    Slasoorten met stug blad
    Je kunt ook het onkruid zevenblad hierin verwerken. Zevenblad laat zich ook goed smaken als pesto of op een zevenbladpizza.

    Eet smakelijk.

    Warme groet
    Anita

    4

    Zelf maken: vlierbloesem waterijsjes




    Het is al weer zaterdag! Tijd voor mijn wekelijkse (nou ja, bijna wekelijkse) Zelf-Maak blogpost op vrijdag. Deadlines zijn blijkbaar moeilijk voor me.

    Omdat het zo warm was de afgelopen dagen eten de meiden vaker een ijsje. Dat hoort erbij vinden ze. Als er een vriendinnetje over de vloer is, krijgt die ook een ijsje. Ik probeer het een beetje betaalbaar en binnen de perken te houden door te zorgen voor een voorraadje waterijsjes van vlierbloesemsiroop. Die vlierbloesemsiroop kun je zelf maken (zie de bijpassende blogpost), maar dat lukt alleen als de vlierbloesem bloeit. En dat is in mei. Daar heb je nu dus niks aan.

    Wil je nu graag vlierbloesemijsjes maken, maar je hebt geen zelfgemaakte vlierbloesemsiroop? Niet getreurd!  Je kunt vlierbloesemsiroop kant-en-klaar kopen bij reformzaken of biologische supermarkten en ook bij reguliere supermarkten.

    Ik hanteer de volgende verhoudingen:
    1 deel water
    1 deel vlierbloesemsiroop

    Als ik er drinklimonade van maak, dan doe ik er veel minder siroop in, maar als waterijsje is het dan veel te waterig en vrij smakeloos. Dat leverde teleurgestelde kinderen op. En ik heb gecontroleerd of ze gelijk hadden of gewoon kieskeurig waren. Ze hadden gelijk. Dus doe ik het nu 50-50.

    Ik gebruik herbruikbare vormpjes van Tupperware. Deze kocht ik tweedehands. Ze zijn meestal goed te vinden op MP en bij kringlopen. Maar elke ander ijsvormpje is goed natuurlijk. Greenjump heeft een collectie ijsvormpjes die weekmakervrij en BPA vrij zijn. Dat is ook het overwegen waard als je iets nieuw wilt aanschaffen.

    Oh ja, je kunt natuurlijk ook andere siroopsmaken gebruiken ;-)

    Lieve groet
    Anita


    5

    Zelf maken: granola



    Een paar jaar geleden ben ik gestopt met 's ochtends ontbijten met brood. Het was 's ochtends brood en 's middags brood en vaak had ik rond koffietijd al weer honger en nam ik weer een plakje brood. Kortom: teveel brood. Door het jaar heen varieer ik nu met het ontbijt. In de winter meestal warme rijstmelk met boekweitvlokken. In de zomer schakel ik meestal over op yoghurt met muesli. Of rijstmelk met muesli. Vorig jaar maakte ik bijvoorbeeld zelf muesli op ayurvedische wijze. Tussendoor heb ik periodes dat ik ayurvedische soep neem. Dat neem ik dan zowel 's ochtends als 's middags. Dat is een reinigende soep, die veel afvalstoffen afvoert.

    Deze zomer start ik de dag met volle yoghurt en zelfgemaakte granola. Ik kocht een tijdje de pakken luchtige cruesli van quaker. Hoewel erg lekker, was het me veel te duur en dan is het een uitdaging voor me om daar een betaalbaarder alternatief voor te vinden. Bovendien is het voordeel van zelfgemaakt dat ik weet welke ingrediënten er in zitten en kan ik zelf bepalen hoeveel suiker ik er in doe.

    Ingrediënten zelfgemaakte granola

    Met dit recept werk ik met cups. 1 cup is 250 ml. Met cups gaat het minder om de inhoudsmaat, maar meer om de verhoudingen. Als je geen cupmaatbeker hebt, kun je een theeglas o.i.d. uit je kast nemen, eentje die een beetje in de buurt komt van 250 ml. En dan reken je daarmee verder. Je moet maar zo denken: de eerste die de 'cup' als maatbeker uitvond gebruikte waarschijnlijk ook gewoon zijn/haar beker uit de keuken :-).

    - 4 cups havervlokken (ik gebruik dus niet de havermout)
    - 1 cup geraspte kokosvlokken/schaafsel
    - 1 cup rauwe noten, zaden of pitten (bijvoorbeeld hazelnoten, pompoenpitten, zonnebloempitten)
    - 1/2 cup gedroogd fruit, bijvoorbeeld, rozijnen, abrikozen, dadels.
    Ik gebruik alleen rozijnen, want naast de noten vind ik dat al luxe genoeg. Ik voeg de rozijnen pas na het bakken toe, maar je kunt het ook meteen meebakken.
    - 1 eetlepel kruiden. Kaneel met een klein beetje nootmuskaat, kruidnagel en kardemom
    - 1/3 cup vet. Ik gebruik gesmolten kokosolie. Gesmolten roomboter kan ook.
    - 1/4 cup zoetigheid. Gewone kristalsuiker kan. Ik gebruik honing, omdat dit vloeibaar is en daardoor zo lekker verdeeld over de havervlokken en er een lekker krokant laagje op komt.
    - 2 eiwitten
    - mespunt zout
    - eetlepel amandelextract of vanille-extract naar behoefte (optioneel)

    Doe alle ingrediënten (behalve het gedroogd fruit als je er voor kiest om dit niet mee te bakken) in een kom en meng door elkaar. Spreid het vervolgens uit op een bakplaat die je bedekt hebt met bakpapier en bak het in het midden van de oven ca. een half uur op 150 graden. Oven wel even voorverwarmen.

    Bewaren in een luchtdichte trommel of pot.



    Voordat het de oven inging.


    Toen het uit de oven kwam. 


    Gemengd en uit de oven. 







    Warme groet,
    Anita

    Dit jaar (2018) probeer ik elke vrijdag een blogpost te plaatsen over iets wat je zelf kunt maken of zelf kunt doen. Omdat iets zelf te kunnen maken ontzettend veel voldoening geeft. Je vindt alle Zelf Maken artikelen onder het label - hoe kan het ook anders - ZELF MAKEN. Je kunt ze ook terugvinden op mijn pinterestbord.

    Het recept heb ik van het blog In het Hoge Noorden, maar staat er nu niet meer op.


    8